Pages Navigation Menu

Ontdek hoe verrassend veelzijdig en bruisend Leidsche Rijn is

Verhalen achter de parken in Leidsche Rijn

Verhalen achter de parken in Leidsche Rijn

In Leidsche Rijn zijn de afgelopen jaar heel wat parken aangelegd. Natuurlijk moet dit groen zich nog verder ontwikkelen, maar een pracht begin is er.

Kijk ook eens op onze pagina Vinex Wildlife voor welke dieren er allemaal voorkomen in onze wijk.

 

Máximapark (voorheen Leidsche Rijnpark)

Het park der parken in onze wijk. In het hart van Leidsche Rijn midden tussen Leidsche Rijn en Vleuten de Meern, groeit een bijzonder park ter grootte van de Utrechtse binnenstad. Een groene oase, waar iedereen naar hartelust kan sporten, spelen, wandelen, fietsen, luieren, picknicken en bootje varen. Rustgevend én levendig, een ontmoetingsplaats voor iedereen uit Leidsche Rijn, Utrecht en daarbuiten.
Grote delen van het park waren voorheen tuindersbedrijven, vandaar dat alles hier zo goed groeit.

Willem Alexanderpark (Hoge Weide)

Heel recent is dit park aangelegd boven op het dak van de A2. Het gebied is in 4 velden verdeeld met elk zijn eigen invulling: ontmoeten, spelen, ontdekken en plukken.

Ontwerp door DS landschapsarchitecten. Het park ligt op het dak van de A2 bij Leidsche Rijn op negen meter boven maaiveld en het hoofdpad in het park ligt nog eens 1.20m. hoger. De eerste fase van het park is nu uitgevoerd, de grondlaag van het park fungeert als bliksemafleiding voor de tunnel. Het pad is opgespannen tussen het centrum en een zuidelijk uitzichtpunt en is open gehouden om de diepte van het park te laten spreken. De noordelijke en zuidelijke boomgroep ondersteunen de dieptewerking. In de lengterichting is het park in twee zones verdeeld. Oostelijk liggen de intensief te gebruiken grasvelden met diverse beheervormen. Westelijk ligt de paarsbloeiende heester- en vaste plantenrijke border.

Het Willem Alexander Park in Utrecht maakt deel uit van de landschappelijkeen ecologische verbinding die het Amsterdam Rijnkanaal voor de stad Utrecht is. Aan de westzijde van het park is de beplanting over de gehele lengte rijk aan vruchten en zaden. Het gras aan de oostzijde wordt per veld aangepast op de functie maar is altijd zo natuurrijk mogelijk. De verbinding met de groengebieden in Leidse Rijn loopt via faunatunnels. Onder de toekomstige doorsnijdende wegen zijn eveneens faunatunnels opgenomen. In het park is nestelgelegenheid voor kleine zoogdieren, vogels en insecten gemaakt. Ook is in het hoogteverschil aan de oostzijde, over de gehele lengte een oeverzwaluwwand gemaakt.

Park de Hoge Weide (Parkwijk)

De park bestaat uit 3 heuvels met elk een eigen karakter. Een met dierenweide “de Kraal’ . Een met fantastische panorama schommels en een meer begroeid met wilde bloemen.

Onwerp door buro Sant&co. Park de Hoge Weide bestaat uit drie ovale weides, elk een opbollend cirkelvlak, met een diameter van 180 meter. De opbouw in heuvels heeft zowel een praktische als conceptuele achtergrond. Enerzijds ligt het park op een voormalige vuilstort en moest 150 duizend kubieke meter verontreinigde katteklei verwerkt worden. Anderzijds mochten omwonenden niet geconfronteerd worden met vijandige en massieve vuilstortbergen. Daarom is gezorgd dat vanuit de omliggende huizen het zicht op de ronde weide in het midden gevrijwaard is en dat routes de heuvels aan alle zijden ontsluiten. Iedere heuvel heeft een eigen inrichting, als dieren-, speel- of bloemenheuvel. In het middengebied liggen drie zogenoemde houttuinen, met boomstammen van verschillende hoogtes. Verspreid over de grasvelden zijn kersenbomen, tulpenbomen en essen geplant. Aan de noord- en zuidzijde liggen watergangen, die als begrenzing van het park zijn ingericht met wilgen, fluitenkruid en elzen.

Waterwinpark (Terwijde)

Dit park is aangelegd om de waterputten van het Drinkwaterbedrijf te beschermen. Je kunt dan ook de 9 putdeksels makkelijk ontdekken in het park. Daar wordt op 100-200meter diepte het heerlijkste drinkwater van Nederland opgepompt.

Ontwerp door Veenenbos en Bosch. Dit park ligt op grondgebied van waterbedrijf Vitens. Helemaal aan de westzijde staat ook een waterpompstation en in het park liggen negen waterputten. Het water wordt van een diepte van 110-150m opgepompt. Dit is drinkwater voor heel Leidsche Rijn en andere delen van Utrecht en omstreken. Het park vormt een schakel binnen de wijk. De paden, die tegelijkertijd de bedrijfswegen voor de waterwinning zijn, verbinden de omliggende buurten met elkaar. Ze vormen routes naar het station, de scholen en het winkelcentrum. Het oostelijke pad staat dik in de eiken, het vormt een promenade en fietsroute tegelijk. Het park is allereerst een groot open veld geworden. De ruimte is onderverdeeld in verschillende vlakken: twee grote gazons, een weide en een moeras. Het was ooit de bedoeling om de weide met koeien te beheren, daarom zijn er nu nog grote hekken in en langs het park te vinden.

Rijnkennermerlaan (Terwijde, het Zand, Grauwaard, Hoge Weide, Parkwijk)

Deze vier kilometer lange parkachtige laan loopt kaarsrecht door de wijk Leidsche Rijn en is daarmee één van de langste lanen van Nederland. Binnen een stedelijke omgeving is dit uniek. De Rijnkennemerlaan is vernoemd naar de waterleidingbuizen van de Watertransportmaatschappij Rijnkennemerland. Deze ondergrondse buizen van 1,20 m. doorsnede die dwars door Leidsche Rijn lopen, vervoeren water uit het Lekkanaal naar de Kennemerduinen en de duinen bij Wijk aan Zee. Daar wordt dit water gezuiverd tot drinkwater voor het grootste gedeelte van Noord-Holland.

De Rijnkennemerlaan is het gevolg van twee waterleidingbuizen van de waterleidingmaatschappij, die in de grond zijn gelegd in een twintig meter brede zone, 35 meter is vrijgehouden van bebouwing. De Rijnkennemerlaan is opgevat als een oneindige lege laan: een vizier op de horizon. Het perspectief wordt aan weerskanten ingekaderd door een rij Italiaanse populieren, die onverstoorbaar de woonwijken doorsnijden. Binnen het profiel van 35 meter zijn alleen voorzieningen voor wandelaars en fietsers; het autoverkeer kruist alleen de laan. Het gedeelte bovenop de waterleidingbuizen is op het aanwezige peil gelaten. De ophoging naar de hoger gelegen bebouwingsranden is vormgegeven met een hol gazon; het effect van een verrekijker wordt daarmee vergroot. In het voorjaar staan er duizenden bloeiende krokussen. Het gebruik van de grasbaan blijkt onvoorspelbaarder: in de zomer 2014 is hier aan een heel lange tafel door 1300 mensen een ontbijt genuttigd.

Archeologische parken

Klein Archeologiepark (Langerak)

In het park bevindt zich een archeologische vindplaats die teruggaat tot het tijdperk van de Romeinen. Een eerste opgave was de bodemschatten af te dekken met een zandlaag, zodat toekomstige generaties de plekken kunnen onderzoeken.

Het Klein Archeologiepark ligt in de buurt Langerak en heeft net als de bebouwing de richting en vorm van het vroegere slagenlandschap meegekregen. Het park bestaat in feite uit drie langgerekte banen in noord-zuid richting. Deze zijn elk onderverdeeld in enkele velden. Daarop zijn onder meer te vinden een basisschool, een beheerde speeltuin en twee sportvelden. De overige velden bestaan voornamelijk uit gras, van elkaar gescheiden door lange hagen en schanskorven.

Amaliapark (Parkwijk)

Het ziet er in eerste instantie misschien niet heel parkerig uit, maar het verhaal van dit park zit hem vooral in wat er in de grond zit. Vele archeologische restanten. Door het nu met grond en gras te bedekken blijft het goed bewaard voor een later moment.  Natuurlijk is de grote Atletiekbaan opvallend aanwezig en start bijvoorbeeld de A4D van Leidsche Rijn hier. Ook slaat Circus Renz hier jaarlijks zijn tenten op.

Ontwerp door HNS landschapsarchitecten. Hier liggen de resten van een grote inheems-Romeinse nederzetting die bestond uit een aantal erven met boerderijen en bijgebouwen. Op de kop van het park staat een middelbare school en daarnaast een grote atletiekbaan. Aan de andere, westzijde van het park steekt het park als het ware de busbaan over naar de basischool en het voorzieningencluster. Een verhard deel in de vorm van een scherf loopt aan beide zijden van de busbaan door. Vanwege de archeologie in de bodem was het moeilijk om invulling aan het park te geven. Er is daarom heel secuur gekeken waar opgehoogd kon worden en hoeveel. Dit ontwerpprincipe leverde een nieuw reliëf op van glooiende hellingen en een lager gelegen zone. Daar waar de ophoging groter is dan 1.50 meter zijn boomgroepen geplaatst. Dit is voornamelijk aan de zijde van de vroegere rivierloop. De archeologische ondergrond is daarmee weerspiegeld in het parkontwerp. In een latere fase zijn om de gebruiksmogelijkheden van het park te vergroten een klimtoestel, een pad en een hondenspeelweide ingepast.

Park Grauwaart (Grauwaart)

En ook dit park  is ook eigenlijk nu een rustig bewaarde opgraving. Toen archeologen bezig waren het terrein te onderzoeken, bij de aanleg van het park, ontdekte zij daar een klein rond eiland. Op dit eiland moet het belangrijkste stenen gebouw van kasteel de Grauwaart gestaan hebben. De Grauwaart bestond uit een klein kasteel, een woontoren en boerderijen met een gracht daaromheen.

Bij archeologisch onderzoek in dit gebied is een klein rond eiland gevonden. Op dit eiland moet het stenen gebouw van kasteel de Grauwaart gestaan hebben. De Grauwaart bestond uit een klein kasteel, een woontoren en boerderijen met een gracht daaromheen. Het nieuwe park wordt doorsneden door de Rijnkennemerlaan. Het westelijke gedeelte bestaat voornamelijk uit gras en ruig hooiland. In het oostelijk gedeelte staan nog veel oude boomgroepen

Park het Groot Zandveld (het Zand)

Ja, nog een park dat  een van de archeologische monumenten van Leidsche Rijn is . In de jaren twintig van de vorige eeuw werden op de plek waar nu schapen lopen al opvallend veel Romeinse vondsten gedaan die op een militair karakter van deze vindplaats duiden. Een groot deel van het gebied was tot 2003 bedekt met kassen. Direct na de sloop is het vrijgekomen gebied archeologisch onderzocht om te kijken of de grens van het archeologisch monument wel op de goede plaats lag.

Ontwerp door Okra landschapsarchitecten. Centraal thema bij het ontwerp voor Park Groot Zandveld is het tot uitdrukking brengen van de historische gelaagdheid van het gebied. Het park bestaat uit drie historische lagen. Het verre verleden wordt belichaamd door het archeologische veld. In dit gebied zijn sporen van een Romeinse wachttoren uit de eerste eeuw aangetroffen. Het veld met de schapen en de gerestaureerde schoorstenen representeren het nabije verleden van de agrarische sector. De hedendaagse en toekomstige tijd komen tot uitdrukking in de nieuwe gebouwen die als grote glimmende maanlanders in het park staan.

Nog aan te leggen park

Een deel van de wijk Leeuwensteijn is nog in ontwikkeling, het betreft met name het deel tussen de A2 en het Amsterdam Rijnkanaal. In de toekomst zal dan ook nog groen aan het wijkareaal toegevoegd worden, of bestaand groen zal worden omgevormd. Anderzijds zal braakliggend terrein worden bebouwd. In ieder geval zal de belangrijke groene zone langs het Amsterdam Rijnkanaal, met bijzondere plekken bij het centrum en bij de sluis van de Leidsche Rijn, verder worden ingericht en aan betekenis winnen.
Er wordt nu (juni 2015) gewerkt aan een Parkzone Amsterdam Rijnkanaal, waar dit ook onderdeel van zal zijn.

Privaat park

Park Voorn (Langerak)

Dit besloten park hoort bij Huis te Voorn.  Park Voorn is ontstaan als ridderhofstad langs de Oude Rijn. Oorspronkelijk lag het park in de landerijen, langzaam maar zeker is het door de stad omcirkeld geraakt.

Het park is in particulier bezit en dus niet vrij toegankelijk. De oudste vermelding van een hofstede op deze plek dateert van 1395. De oorspronkelijke ingang van het kasteelterrein lag aan de noordzijde, aan de oude Rijndijk. Deze Rijndijk of Voornse Steeg is evenals de restgeul van de Oude Rijn deels nog aanwezig aan de rand van het landschapspark. De oprijlaan naar het kasteelterrein is hier nog herkenbaar. Midden 17e eeuw werd de Leidsche Rijn verbeterd en werd er een jaagpad aangelegd, waarmee het belang van deze waterverbinding toenam in de volgende eeuwen. In de 17e eeuw werd het kasteel flink verbouwd en de oprijlaan verschoof in de richting van de Leidsche Rijn (Stadsdam), een oriëntatiewijziging die zich bij meer kasteelterreinen in die periode voordeed. Eind 18e eeuw, begin 19e eeuw werd het landschapspark aangelegd in de voor die tijd typerende landschappelijke stijl met boomgroepen, hoogteverschillen en waterpartijen. In die periode had het park ook zijn grootste omvang. In 1850 werd het kasteel gesloopt. In 1873 werd het huidige hoofdhuis gebouwd, nu geheel georiënteerd op en gelegen nabij de Leidsche Rijn. Tot eind 19e eeuw lag Voorn met het park, als een boomeiland, vrij in de weilanden van het agrarisch veenweidelandschap tussen Utrecht en Vleuten. Het landschap is in tegenstelling tot het Huis Voorn beter bewaard gebleven. Slingerende waterpartijen, bomengroepen en hoogteverschillen maken van het park een bijzonder gebied. Het historische park is als rijksmonumentaal beschermd Het kasteeleiland is tevens een beschermd archeologisch monument.

Aan de beschrijvingen van de overige parken in Vleuten de Meern wordt nog gewerkt. Help je mee?