Pages Navigation Menu

Ontdek hoe verrassend veelzijdig en bruisend Leidsche Rijn is

Opgraving: Junkers 88

Opgraving: Junkers 88

Vliegtuig IIWO ligt in Strijkviertel

Een verhaal als uit een avonturenroman. Het is 10 mei 1940 en de Duitse invasie is een feit. In een ogenschijnlijk nog vredig De Meern vindt de begrafenisplechtigheid van pastoor Boelens plaats. Op het weiland een stukje verderop staat de merrie van boer Buijs op het punt te jongen.  Er vliegen Duitse gevechtsvliegtuigen  over. Dan wordt een vliegtuig geraakt door Nederlandse luchtafweerkanonnen en stort het brandend neer in het weiland van de boer. Drie inzittenden komen om het leven. Vanaf de Meernbrug kijken mensen toe. Ze nemen hun petten af en beginnen spontaan het Wilhelmus te zingen. Het vliegtuig, een Junkers 88, ligt nu 70 jaar in de grond en zal binnenkort vanwege de aanleg van het sportpark in Rijnvliet geborgen worden.

Kees Rasch, bestuurslid van de Historische Vereniging Vleuten-De Meern-Haarzuilens,  heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar het hoe of wat omtrent de Junkers 88. Hij is eigenlijk met het navorsen van neergestorte vliegtuigen begonnen omdat een nieuwe verenigingslid ernaar vroeg. “Ik heb er drie gevonden. Eentje in Rijnvliet, een in Terwijde en een in Haarzuilens. Er zijn overzichten van. Op het hele Nederlandse grondgebied  zijn van 1939 tot 1945 zo’n 6000 vliegtuigen neergestort of op de grond vernietigd. “  Kees heeft 38 jaar bij de luchtmacht gewerkt. Hij was als projectofficier verantwoordelijk voor het invoeren van de Patriot luchtafweerraketten tijdens de golfoorlog. Na zijn pensionering kwam hij via een cursus genealogie bij de Historische Vereniging terecht. Nu geeft hij inmiddels  voor de 6e keer zelf de cursus en doceert hoe de bevolkingsadministratie door de eeuwen heen in elkaar zat.

 “Wat de Junkers 88 betreft kwam ik op een gegeven moment de naam van de piloot op het spoor. Diens graf heb ik toen in Ysselstein (Noord Brabant) teruggevonden. Naast zijn graf lagen nog twee bemanningsleden van dezelfde eenheid met dezelfde overlijdensdatum. “ De bemanning bestond uit de piloot Hans-Werner Magnussen (26 jaar), Gerhard Richter (21) de navigator, Karl Roscher (24) de radiotelegrafist. Het vierde bemanningslid, Ludwig Edmuller, was de boordschutter en heeft de crash overleefd. Hij is gesprongen met een parachute en is daarna gevangen genomen.”Er zullen zonder meer nog menselijke resten van de bemanning in de grond liggen. Voor de rest zijn het vooral brokstukken. Het vliegtuig schijnt weken lang nagesmeuld te hebben. De vleugels hebben de Duitsers al eerder weggehaald, want het metaal konden ze goed gebruiken”.

De bergingsdienst van de Koninklijke Luchtmacht heeft de leiding over de berging. “Er komt veel werk bij kijken; je hebt grondverzetmachines nodig, als het vliegtuig diep ligt moet je damwanden slaan. Grond die misschien verontreinigd is, moet afgevoerd worden. Alle brokstukken worden ter plekke nagelopen op menselijke resten en munitie. Er zijn verdragen over hoe er gehandeld moet worden.”

 Kees is nog niet klaar met zijn speurtocht omtrent de Junkers 88. Een paar maanden geleden kwam er onverwacht bezoek in de Broederschaphuisjes in Vleuten. “Het waren twee oudere heren  die het tijdschriftartikel over de Junkers zochten. Ik vroeg waar hun belangstelling vandaan kwam en een van hen zei: ‘Hij is bijna 96 en hij heeft hem neergeschoten’.” De man die het vliegtuig heeft neergeschoten is kanonnier Gerrit Bax. Bax was bij de algemene mobilisatie in 1939 opgekomen en ingedeeld bij de luchtdoelartillerie . “Toen kwam hij op Oudenrijn en daar heeft hij het kanon pas leren kennen.” zegt Kees enthousiast. Het kanon is een zogeheten Vickers 7,5 TL waar granaatkogels met een diameter van 7, 5 centimeter in gaan. “Ze hebben het vliegtuig vanuit hun opstelling aan de Galecopperdijk zien neerstorten. Het is prachtig dat je zo iemand nog kunt spreken; ik ga zijn verhaal naast het officiële gevechtsverslag leggen om precies te weten wat zich heeft afgespeeld.” Gerrit Bax  zal uiteraard worden uitgenodigd voor bij de berging.

Bijdrage: Rosanna Del Negro eerder verschenen in De Brug, mei 2010